Doxuno
Juridisch & PersoonlijkNederland

Gratis sjabloon pandakte — roerende zaken of vorderingen als zekerheid vestigen

Wilt u een zekerheidsrecht vestigen op roerende zaken of vorderingen? Op grond van artikel 3:236 en 3:237 BW kunt u een pandrecht vestigen op roerende zaken, vorderingen en andere rechten als zekerheid voor de terugbetaling van een lening of andere verbintenis. Dit sjabloon helpt u een juridisch correcte pandakte op te stellen voor zowel vuistpand als stil pandrecht.

Free to useInstant PDFNo account required
PANDAKTE
Pandgever: Karel Smit · Pandhouder: Delta Finance BV
Zekerheidssom: 25.000,00 EUR · Datum: 1 mei 2026

De ondergetekenden:

1. Pandgever:
Karel Smit, gevestigd/wonende te Damrak 1, 1012 LG Amsterdam, tel: +31 6 12345678, e-mail: karel@voorbeeld.nl, hierna te noemen "Pandgever";

2. Pandhouder:
Delta Finance BV, gevestigd/wonende te Herengracht 200, 1016 BT Amsterdam, KvK-nummer: 87654321, tel: +31 20 1234567, e-mail: info@deltafinance.nl, hierna te noemen "Pandhouder";

Hierna gezamenlijk aangeduid als "Partijen". Partijen komen het volgende overeen:

1.
VESTIGING VAN HET PANDRECHT
  1. De Pandgever vestigt hierbij ten behoeve van de Pandhouder een stil pandrecht (art. 3:237 BW) op de hierna omschreven zaak/zaken (art. 3:236 BW).
  2. Omschrijving verpande zaak/zaken:
    Personenauto, merk Toyota Corolla, kenteken AB-123-CD, bouwjaar 2022, chassisnummer JTDBT923401234567.
  3. Het pandrecht wordt gevestigd door middel van deze onderhandse akte en mededeling aan de schuldenaar van de gesecureerde vordering (art. 3:237 BW). De Pandgever mag de verpande zaak in zijn macht houden.
2.
GESECUREERDE VORDERING
  1. Het pandrecht strekt tot zekerheid voor de nakoming van de volgende vordering(en) van de Pandhouder op de Pandgever:
  2. Geldleningsovereenkomst d.d. 1 april 2026 voor een hoofdsom van EUR 22.500.

  3. Het pandrecht strekt zich mede uit tot rente, kosten en aanvullende vergoedingen verschuldigd op grond van de gesecureerde vordering, tot een maximum van 25.000,00 EUR.
3.
VOORWAARDEN PANDRECHT
  1. De Pandgever verklaart dat de verpande zaak zijn eigendom is, vrij van enig beperkt recht of beslag dat de vestiging of het uitoefenen van dit pandrecht belemmert.
  2. De Pandgever is zonder schriftelijke toestemming van de Pandhouder niet bevoegd de verpande zaak te vervreemden of met nadere rechten te bezwaren.
  3. Het pandrecht eindigt van rechtswege na volledige voldoening van de gesecureerde vordering inclusief rente en kosten.
4.
ONDERHOUD EN BEWARING
  1. De Pandgever/bewaarder is verplicht de verpande zaak in goede staat te houden en normale onderhoudsmaatregelen te treffen.
  2. Pandgever verplicht zich tot jaarlijkse APK-keuring en adequate brandstofvulling.
  3. De Pandgever draagt de kosten van beheer en onderhoud van het pandgoed, tenzij Partijen anders overeenkomen.
  4. De Pandgever stelt de Pandhouder onverwijld in kennis van schade, verlies of tenietgaan van de verpande zaak.
5.
VERZEKERING
  1. Allrisk autoverzekering vereist; verzekeraar en Delta Finance BV als begunstigde.
  2. De verzekeringsuitkering bij verlies of schade strekt in de eerste plaats tot aflossing van de gesecureerde vordering.
6.
UITWINNING (REALISATIE)
  1. Indien de Pandgever toerekenbaar tekortschiet in de nakoming van de gesecureerde vordering, is de Pandhouder gerechtigd de verpande zaak te executeren conform art. 3:248 BW.
  2. Executie geschiedt in beginsel door openbare verkoop. Op verzoek van de Pandhouder kan de rechter toestemming verlenen voor onderhandse verkoop (art. 3:251 BW).
  3. De netto-opbrengst strekt, na aftrek van verkoopkosten, in mindering op de gesecureerde vordering. Een eventueel surplus wordt uitbetaald aan de Pandgever.
7.
RANGORDE
  1. Dit is het enige pandrecht op de genoemde zaak.
  2. De Pandhouder neemt zijn rang conform de datum van vestiging van dit pandrecht (art. 3:279 BW).
8.
SLOTBEPALINGEN
  1. Op deze pandakte is uitsluitend Nederlands recht van toepassing.
  2. Geschillen worden beslecht door de bevoegde rechter.
  3. Wijzigingen zijn slechts geldig indien schriftelijk overeengekomen en door beide Partijen ondertekend.
TEN BLIJKE WAARVAN de partijen deze Overeenkomst hebben ondertekend op de hierboven vermelde ingangsdatum.
PANDGEVER
Karel Smit
Datum: ____________________
PANDHOUDER
Delta Finance BV
Datum: ____________________

Wat is een pandakte?

Een pandakte is een schriftelijk document waarmee een pandrecht wordt gevestigd op roerende zaken, vorderingen of andere vermogensrechten als zekerheid voor de nakoming van een verbintenis. Het pandrecht is geregeld in Boek 3 BW (art. 3:227–3:275 BW) en geeft de pandhouder (schuldeiser) het recht het verpande goed te verkopen als de pandgever (schuldenaar) zijn verplichtingen niet nakomt. Het pandrecht geeft de pandhouder voorrang boven andere schuldeisers bij verhaal op het verpande goed.

Nederlandse wet onderscheidt twee vormen van pandrecht op roerende zaken: (1) vuistpand (art. 3:236 BW), waarbij het verpande goed wordt overgedragen aan de pandhouder of een derde bewaarder, en (2) stil pandrecht (art. 3:237 BW), waarbij het goed in het bezit blijft van de pandgever maar het pandrecht wordt gevestigd door een authentieke of geregistreerde onderhandse akte. Het stille pandrecht moet worden geregistreerd bij de Belastingdienst (Registratiekantoor) om tegenwerpelijk te zijn aan derden; de registratie bepaalt de prioriteit van het pandrecht ten opzichte van andere zekerheidsrechten.

Pandrecht op vorderingen — ook wel vorderingspand of cessie in pand genaamd — wordt gevestigd op grond van artikel 3:239 BW (stil pandrecht op vorderingen) of artikel 3:236 lid 2 BW (vuistpand door mededeling aan de debiteur). Bij stil pandrecht op vorderingen is eveneens registratie bij de Belastingdienst vereist. De pandakte moet de verpande vorderingen voldoende bepaalbaar omschrijven; een generieke omschrijving ("alle huidige en toekomstige vorderingen") is in de rechtspraktijk gebruikelijk en toegestaan. Dit sjabloon is geschikt voor pandrecht op roerende zaken, inventaris, voorraden en vorderingen.

Wat bevat dit sjabloon

Het pandakte-sjabloon van Doxuno bevat alle elementen voor een juridisch correcte en registreerbare akte van verpanding conform Boek 3 BW.

Gegevens pandgever en pandhouder

Volledige naam, adres en KvK-nummer van beide partijen

Omschrijving van de hoofdverbintenis

Beschrijving van de lening, kredietfaciliteit of verbintenis die het pandrecht zekert

Pandsom of maximumbedrag

Maximaal bedrag waarvoor het pandrecht wordt verleend, inclusief rente en kosten

Omschrijving van het verpande goed

Nauwkeurige omschrijving van de roerende zaken, voorraden of vorderingen die worden verpand

Type pandrecht: vuistpand of stil pandrecht

Keuze voor bezitloos stil pandrecht (art. 3:237 BW) of vuistpand (art. 3:236 BW)

Registratieverplichting

Bepaling dat de akte bij de Belastingdienst wordt geregistreerd voor tegenwerpbaarheid aan derden

Verplichtingen pandgever tijdens de pandperiode

Zorgplicht voor het verpande goed, verzekeringsplicht en verbod op bezwaring

Uitwinningsbepaling

Wijze van uitwinning bij wanprestatie: executoriale verkoop of onderhandse verkoop

Pandrecht op toekomstige zaken

Optionele uitbreiding van het pandrecht tot toekomstige roerende zaken of vorderingen

Rangorde en prioriteit

Bepaling over de verhouding tot eventuele andere zekerheidsrechten

Vrijgave bij volledig betaling

Verplichting van pandhouder tot doorhaling/vrijgave bij volledige nakoming

Datum en handtekeningen

Dagtekening en handtekeningen van beide partijen voor rechtsgeldige totstandkoming

Hoe stelt u een pandakte op

In enkele stappen heeft u een volledige, juridisch correcte pandakte. Het sjabloon begeleidt u door alle vereiste elementen van een geldige akte van verpanding.

  1. 1

    Bepaal het type pandrecht: vuistpand of stil pandrecht

    Kies tussen vuistpand (art. 3:236 BW), waarbij het goed aan de pandhouder of een derde bewaarder wordt overgedragen, en stil pandrecht (art. 3:237 BW), waarbij het goed in het bezit van de pandgever blijft. Voor bedrijfsmatig gebruik is stil pandrecht op inventaris en vorderingen het meest gebruikelijk. Vuistpand is praktischer voor individuele roerende zaken zoals voertuigen of waardepapieren.

  2. 2

    Omschrijf het verpande goed nauwkeurig

    Beschrijf de verpande zaken zo nauwkeurig mogelijk: serienummers, kentekens, inventarislijsten of omschrijving van de categorie roerende zaken. Bij pandrecht op vorderingen omschrijf de vorderingen met debiteurnaam, factuurnummers of een categorische omschrijving ("alle huidige en toekomstige handelsvorderingen"). Een onduidelijke omschrijving kan leiden tot discussie over de omvang van het pandrecht.

  3. 3

    Stel de pandsom en looptijd vast

    Vermeld het maximumbedrag (pandsom) waarvoor het pandrecht wordt verleend, inclusief rente en kosten. Dit bedrag bepaalt het maximale verhaalsbedrag voor de pandhouder. Leg ook de looptijd van het pandrecht vast: geldt het pandrecht totdat de onderliggende verbintenis volledig is nagekomen, of voor een bepaalde periode?

  4. 4

    Registreer de pandakte bij de Belastingdienst

    Een stil pandrecht (art. 3:237 BW) moet worden geregistreerd bij het Registratiekantoor van de Belastingdienst om tegenwerpelijk te zijn aan derden en om de prioriteitsdatum van het pandrecht vast te leggen. Registratie geschiedt door indiening van de akte bij het dichtstbijzijnde registratiekantoor of via de online registratiemodule. Bewaar het bewijs van registratie als onderdeel van de pandakte.

  5. 5

    Leg verplichtingen en uitwinningsprocedure vast

    Bepaal in de pandakte welke verplichtingen de pandgever heeft ten aanzien van het verpande goed: onderhoud, verzekering en verbod op verdere bezwaring of vervreemding zonder toestemming. Leg ook de uitwinningsprocedure vast: bij wanprestatie kan de pandhouder op grond van art. 3:248 BW het verpande goed executoriaal of onderhands verkopen. Onderhandse verkoop vereist rechterlijke toestemming, tenzij anders overeengekomen.

Juridische aandachtspunten (Nederland)

Pandrecht is een zekerheidsrecht met strikte wettelijke vestigingsvereisten. Hieronder de meest relevante juridische aandachtspunten voor een geldige pandakte.

Dit sjabloon is uitsluitend bedoeld voor informatieve doeleinden en vormt geen juridisch advies. Bij complexe zekerheidsrechtelijke transacties of bij pandrecht op bijzondere goederen is juridisch advies van een notaris of gespecialiseerde advocaat ten zeerste aan te raden.

Juridisch getoetst. De inhoud van deze pagina en de clausules van het sjabloon zijn getoetst aan het Nederlands goederenrecht, in het bijzonder art. 3:232–3:239 BW.

Vuistpand en stil pandrecht (art. 3:236–3:237 BW)

Artikel 3:236 BW regelt het vuistpand op roerende zaken: vestiging vereist bezitsverschaffing aan de pandhouder. Artikel 3:237 BW regelt het bezitloze (stille) pandrecht: vestiging geschiedt door een authentieke akte of een geregistreerde onderhandse akte, zonder dat het goed van bezitter wisselt. Het stille pandrecht is pas tegenwerpbaar aan derden na registratie bij de Belastingdienst; de registratiedatum bepaalt de rangorde bij concurrerende zekerheidsrechten. Artikel 3:232 BW bepaalt dat het pandrecht een afhankelijk recht is: het volgt de hoofdvordering en gaat teniet bij volledige nakoming.

Pandrecht op vorderingen (art. 3:239 BW)

Artikel 3:239 BW regelt het stille pandrecht op vorderingen op naam: vestiging geschiedt door een authentieke of geregistreerde onderhandse akte. Mededeling aan de debiteur is niet vereist voor vestiging, maar is noodzakelijk om het pandrecht tegenwerpbaar te maken aan de debiteur; pas dan moet de debiteur aan de pandhouder in plaats van aan de pandgever betalen. Artikel 3:238 BW bepaalt dat pandrecht ook gevestigd kan worden op toekomstige vorderingen, mits de vorderingen voldoende bepaalbaar zijn omschreven in de pandakte.

Uitwinning van pandrecht (art. 3:248 BW)

Bij wanprestatie van de pandgever heeft de pandhouder op grond van artikel 3:248 BW het recht het verpande goed te verkopen en zich te verhalen op de opbrengst. Executoriale verkoop geschiedt in beginsel in het openbaar; onderhandse verkoop is mogelijk met toestemming van de voorzieningenrechter of als de pandgever daarmee instemt. De pandhouder heeft een preferente positie: hij wordt bij verhaal op de opbrengst vóór concurrente schuldeisers voldaan (art. 3:227 BW). Eventueel surplus na verhaal komt toe aan de pandgever.

Faillissement van de pandgever

Een pandhouder heeft op grond van art. 57 Faillissementswet (Fw) een separatistenpositie: hij kan zijn pandrecht uitoefenen alsof er geen faillissement is. De curator kan de pandhouder echter op grond van art. 58 Fw verzoeken zijn recht binnen een redelijke termijn uit te oefenen, bij gebreke waarvan de curator het goed zelf te gelde kan maken. Het pandrecht moet bij aanvang van het faillissement reeds rechtsgeldig zijn gevestigd en geregistreerd; pandrechten gevestigd in de verdachte periode voor het faillissement kunnen worden aangevochten via de pauliana (art. 42 Fw).

Veelgestelde vragen

Klaar om een pandakte op te stellen?

Vul uw gegevens in en download in enkele minuten een complete akte van verpanding als PDF. Gratis, direct beschikbaar, geen account vereist.

Free · Instant PDF · No account required